Paragraaf Lokale Heffingen
Inleiding
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - InleidingDe lokale heffingen vormen een belangrijk onderdeel van de totale inkomsten binnen de gemeen- telijke begroting. De paragraaf lokale heffingen, conform artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording voor gemeenten en provincies(BBV), biedt een overzicht van het beleid voor de lokale lasten. Deze paragraaf lokale heffingen bestaat uit:
• Geraamde opbrengsten;
• Beleid ten aanzien van de lokale heffingen;
• Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen;
• De lokale lastendruk;
• Kwijtscheldingsbeleid.
De lokale heffingen zijn onder te verdelen in twee categorieën, namelijk belastingen en rechten. Belastingen zijn heffingen waar geen aanwijsbare tegenprestatie van de overheid tegenover staat.
De lokale belastingen, o.a. de OZB en toeristenbelasting, zijn bijdragen in de algemene kosten van de gemeente en hebben een budgettaire functie. Heffingen zijn rechten, tarieven en leges.
De gemeente krijgt (maximaal) de kosten vergoed die ze zelf maakt. De totale opbrengst van deze heffingen mag niet meer zijn dan de totale kosten. De gemeenteraad bepaalt, door het vaststellen van de belastingverordeningen, welke belastingen de gemeente heft en welke heffingsmaatstaven en tarieven we hanteren.
Opbrengsten
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - OpbrengstenOnderstaande tabel geeft over de jaren 2022 t/m 2028 een beeld van de opbrengsten van de verschillende belastingen en rechten zoals die nu in rekening (t/m 2023) en daarna de begroting (vanaf 2024) zijn verwerkt.
Tabel 1. Opbrengsten belastingen en rechten 2022 t/m 2028 |
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Omschrijving |
Rekening |
Rekening |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Bedragen x € 1.000 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
2026 |
2027 |
2028 |
Onroerende zaakbelastingen |
7.539 |
7.677 |
8.141 |
8.588 |
9.035 |
9.326 |
9.326 |
Rioolheffing |
1.662 |
1.699 |
2.046 |
2.110 |
2.163 |
2.219 |
2.219 |
Afvalstoffenheffing |
1.512 |
1.453 |
1.634 |
1.657 |
1.680 |
1.704 |
1.704 |
Leges |
971 |
1.230 |
1.286 |
1.196 |
1.259 |
1.333 |
1.259 |
Forensenbelasting |
55 |
96 |
82 |
87 |
91 |
94 |
94 |
Toeristenbelasting |
283 |
488 |
464 |
489 |
513 |
519 |
519 |
Reclamebelasting |
40 |
40 |
40 |
40 |
40 |
40 |
40 |
Totaal |
12.062 |
12.683 |
13.692 |
14.167 |
14.782 |
15.236 |
15.162 |
% stijging / daling tov vorig jaar |
5,15% |
7,96% |
3,46% |
4,34% |
3,07% |
-0,49% |
Beleid ten aanzien van de lokale heffingen
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - Beleid ten aanzien van de lokale heffingenOns college heeft voor de ontwikkeling van de lokale lasten de volgende financieel-technische uitgangspunten gehanteerd:
a. De algemene index / prijsstijging is voor 2025 bepaald op 5,50%; voor 2026 op 5,20%; voor 2027 en 2028 op 3,22%. Deze percentages worden bij de meeste belastingen en rechten gehanteerd. Waar wordt afgeweken is dat expliciet gemotiveerd.
b. De OZB wordt jaarlijks verhoogd met de algemene index, bij het bepalen van de tarieven houden we rekening met de gevolgen van de hertaxaties. Dit percentage is voor de woningen bepaald op
-0,5%, voor de niet-woningen op 0,00%.
c. De forensenbelasting wordt jaarlijks verhoogd met de algemene index, bij het bepalen van de tarieven houden we rekening met de gevolgen van de hertaxaties voor de woningen van -0,5%.
d. De toeristenbelasting, de leges en de tarieven die opgenomen zijn in de algemene tarievenverordening worden jaarlijkse verhoogd met de algemene index genoemd onder a.
De tarieven worden afgerond op werkbare bedragen. Bij de toeristenbelasting op € 0,10, bij de leges op € 0,05.
e. De afvalstoffenheffing dient jaarlijks 100% kostendekkend te zijn. Om dit percentage te bereiken dienen de tarieven voor het vast recht verhoogd te worden met 11,00%, de variabele ledigingstarieven voor GFT met bijna 50% en voor restafval gemiddeld 8%.
f. Op grond van de actualisatie van het kostendekkingsplan Oirschot 2022 van 29 november 2022 (onderdeel van het PWR) worden de tarieven de komende jaren jaarlijks verhoogd met 3,75%. De verschillen tussen uitgaven en belastingopbrengst worden verrekend met de voorziening riolering.
g. De tarieven voor de reclamebelasting blijven ongewijzigd.
Voorlopige tarieven en opbrengsten/ behandeling belastingverordeningen
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - Voorlopige tarieven en opbrengsten/ behandeling belastingverordeningenBij de tarieven die in deze paragraaf worden genoemd is sprake van voorlopige tarieven. In december leggen wij alle belastingverordeningen aan uw raad voor ter besluitvorming.
Dan worden ook de definitieve tarieven voorgelegd, die in een aantal situaties kunnen afwijken van de voorlopige tarieven die genoemd zijn in deze paragraaf. Datzelfde geldt voor de raming van de opbrengsten. De financiële gevolgen daarvan nemen we dan mee in een begrotingswijziging.
Overzicht op hoofdlijnen van de diverse belastingen
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - Overzicht op hoofdlijnen van de diverse belastingenOnroerende Zaak Belastingen
De heffingsgrondslag voor de onroerendezaakbelastingen is de waarde zoals die in het kader van de Wet Waardering Onroerende Zaken jaarlijks wordt vastgesteld. Er zijn twee onroerende zaakbelastingen namelijk de gebruikersbelasting voor niet-woningen en de eigenarenbelasting voor woningen en niet-woningen.
Voor de OZB-opbrengst verhogen we het bestaande areaal per 1 januari van het voorgaand jaar met het inflatiepercentage van 5,5%. Daar wordt bij opgeteld de OZB-opbrengst voor nieuw toegevoegd areaal (nieuwbouw en uitbreiding). Deze OZB-opbrengst voor nieuw areaal wordt berekend op basis van de geschatte economische waarde per 1 januari van het voorgaande jaar en tegen het tarief van voorgaand jaar vermeerderd met de vastgestelde indexatie.
Daarnaast houden we rekening met de waarde-ontwikkeling tussen 1 januari 2024 en 1 januari 2025. Bij de woningen verwachten we op basis van de informatie die we in april hebben ontvangen van ons taxatiebureau een voorlopige daling bij de woningen van 0,5%, bij de niet-woningen van 0%.
Ook voor ons is een daling van de woningen zeer verrassend. We hebben de gegevens van de marktanalyses nauwgezet beoordeeld, maar komen tot de conclusie dat de informatie van ons taxatiebureau correct is. In genoemde periode is sprake geweest van een rentestijging waardoor de verkoopprijzen van huizen tijdelijk een dipje heeft gekend. De definitieve percentages worden in het najaar bekend. De marktontwikkeling heeft geen effect op de uiteindelijk OZB-opbrengsten omdat waardestijging dan wel waardedaling wordt verdisconteerd in de tarieven.
Tabel 2. Tarieven onroerende - zaakbelastingen 2024 en 2025 |
||
|---|---|---|
De voorlopige tarieven over 2024 en 2025 zien er als volgt uit: |
||
Soort belasting |
Tarief 2024 |
Tarief 2025 |
Eigenaren woningen |
0,10% |
0,11% |
Eigenaren niet-woningen |
0,30% |
0,32% |
Gebruikers niet-woningen |
0,24% |
0,26% |
Rioolheffing
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - RioolheffingRioolheffing is een bestemmingsheffing om kosten voor een doelmatig werkende riolering en overige maatregelen ten aanzien van hemelwater en grondwater te verhalen. Artikel 228a Gemeentewet maakt een onderscheid tussen de waterketen (afvoer afvalwater) en het watersysteem (hemelwater en grondwater). Met dagtekening 29 november 2022 is een herziene berekening van het PWR (programma water en riolering) als onderdeel van het IMBK (Integraal Maatschappelijk Beheer Kader) vastgesteld. Vanaf 2024 tot en met 2030 is gerekend met een tariefverhoging van 3,75%, van 2031 t/m 2039 met 4,00% en over 2040 met 1,00%.
Voor de rioolheffing zijn de gebruikers van zowel woningen als bedrijfspanden belastingplichtig. De gemeente Oirschot kent geen rioolheffing voor eigenaren. Alle lasten van de riolering worden doorberekend aan de gebruiker op basis van het waterverbruik. De afgelopen jaren zien wij een wezenlijke afname van het waterverbruik. Vanuit milieu-oogpunt een goede zaak. Maar vanuit fiscaal oogpunt ligt dat wat anders. De meeste huishoudens vielen tot voor kort in tariefgroep 2 (waterverbruik van 101 m3 – 251 m3). In deze begroting zien we evenals in de vorige begroting dat de meeste belastingplichtigen in tariefgroep 1 (waterverbruik tot 101 m3) ingedeeld gaan worden. Daardoor verwachten wij de komende jaren een tekort op het taakveld riolering.
Voor 2025 verwachten we 96% dekking. In euro’s levert dat een tekort op van € 93.000. Zie tabel 3.
Tabel 3. Berekening kostendekkendheid rioolheffing |
|||
|---|---|---|---|
Berekening kostendekkendheid |
Bedragen x € 1.000 |
||
Rioolheffing |
|||
Kosten taakvelden riolering inclusief rente |
€ 1.812 |
||
Inkomsten taakvelden exclusief rioolheffing |
€ 115 |
||
Netto kosten taakvelden |
€ 1.697 |
||
Toe te rekenen kosten: |
|||
Overhead € 180 |
|||
Omzetbelasting € 325 |
|||
Totaal toe te rekenen kosten |
€ 505 |
||
Totale kosten taakveld 7.2 riolering |
€ 2.202 |
||
Opbrengst rioolheffing |
€ -2.109 |
||
Tekort in € |
€ 93 |
||
Dekkingspercentage |
96% |
||
Het tekort van € 93.000 wordt onttrokken aan de voorziening riolering. De voorziening heeft tot doel om (grote) schommelingen in de tarieven te egaliseren waarbij ook rekening wordt gehouden met voldoende opbouw om toekomstige grote investeringen te kunnen opvangen.
De rioolheffing kent vier tarieven, afhankelijk van het aantal m3 waterverbruik, als volgt:
Tabel 4. Tarieven rioolheffing 2024 en 2025 |
||
|---|---|---|
Waterverbruik |
Tarief 2024 |
Tarief 2025 |
tot 101 m3 |
€ 162,84 |
€ 168,96 |
101m3-251 m3 |
€ 242,40 |
€ 251,52 |
251m3-501m3 |
€ 482,40 |
€ 500,52 |
501m3 of meer |
€ 973,40 |
€ 1.009,92 |
Afvalstoffenheffing
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - AfvalstoffenheffingAfvalstoffenheffing is een bestemmingsheffing voor het verhalen van de kosten van de afvalinzameling en verwerking. Bij de uitvoering werken we nauw samen met de andere Kempengemeenten. We hanteren als uitgangspunten “de vervuiler betaalt” en “afval is een grondstof die waarde heeft”. De afvalstoffenheffing wordt uitsluitend in rekening gebracht bij de gebruikers van woningen waar periodiek huishoudelijk afval opgehaald wordt. Bedrijven moeten zelf een contract afsluiten, de gemeente is niet belast met het ophalen / afvoeren van bedrijfsafval.
Voor afval geldt als uitgangspunt 100% kostendekking. Zie tabel 5.
Tabel 5. Berekening kostendekkendheid afvalstoffenheffing |
|||
|---|---|---|---|
Berekening kostendekkendheid |
Bedragen x € 1.000 |
||
Afvalstoffenheffing |
|||
Kosten taakveld huishoudelijk afval inclusief rente |
€ 1.315 |
||
Inkomsten taakveld exclusief afvalstoffenheffing |
€ -376 |
||
Netto kosten taakveld |
€ 939 |
||
Toe te rekenen kosten: |
|||
Overhead inclusief rente |
€ 106 |
||
Fictieve omzetbelasting |
€ 326 |
||
Totaal toe te rekenen kosten |
€ 432 |
||
Totale kosten taakveld 7.3 huishoudelijk afval |
€ 1.371 |
||
Opbrengst afvalstoffenheffing |
€ -1.657 |
||
Overschot |
€ 284 |
||
Dekkingspercentage |
121% |
||
Op de afvalstoffenheffing mag geen winst worden behaald. Met een dekkingspercentage van 121% voldoen we niet aan dit wettelijk voorschrift. Met name de geraamde uitgaven zijn voorlopige cijfers die in aanloop naar het vaststellen van de belastingverordeningen in december nog (fors) verhoogd gaan worden. De herberekening gaat leiden tot een dekkingspercentage van maximaal 100%.
Het raadsvoorstel hieromtrent volgt in december 2024.
Nadat de kosten van bovenstaande berekeningen zijn afgerond en verwerkt in de cijfers van de begroting zijn de resultaten bekend geworden van de (Europese) aanbestedingen voor het ophalen van GFT en restafval. Voor de eerste categorie heeft slechts 1 aanbieder ingeschreven, daar is sprake van een stijging van 60% van de kosten. Een gedeelte van deze stijging rekenen we toe aan de variabele tarieven, de rest aan het vast recht. Voor het restafval bedraagt de stijging 10% die volledig worden meegenomen in de variabele tarieven. In de tarieven is – vooruitlopende op de definitieve cijfers van de aanbesteding – al geanticipeerd op een forse stijging.
De afvalstoffenheffing kent een vast recht dat voor ieder adres hetzelfde is met daarnaast variabele tarieven per “groene” (GFT) respectievelijk “grijze” (restafval) container. Zie tabel 6 hierna.
Tabel 6. Tarieven afvalstoffenheffing 2024 en 2025 |
||
tarieven afval |
tarief 2024 |
tarief 2025 |
vast recht per jaar |
€ 118,20 |
€ 131,28 |
variabel per lediging: |
||
gft 25 liter |
€ 0,28 |
€ 0,42 |
gft 140 liter |
€ 1,58 |
€ 2,35 |
gft 240 liter |
€ 2,71 |
€ 4,00 |
restafval 40 liter |
€ 4,43 |
€ 4,71 |
restafval 60 liter |
€ 6,65 |
€ 7,20 |
restafval 140 liter |
€ 15,50 |
€ 17,00 |
restafval 240 liter |
€ 26,57 |
€ 28,50 |
verzamelcontainers |
||
eenpersoonshuishouden |
€ 149,52 |
€ 165,00 |
meerpersoonshuishouden |
€ 223,80 |
€ 248,40 |
Secretarieleges / leges omgevingsvergunning
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - Secretarieleges / leges omgevingsvergunningLeges worden in rekening gebracht bij degene die een dienst vraagt aan de gemeente c.q.
een aanvraag voor een vergunning indient bij de gemeente. Uitgangspunt is voor de totale leges een dekking van 100%. De meeste tarieven worden ten opzichte van 2024 verhoogd met 5,5%.
Forensenbelasting
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - ForensenbelastingDeze belasting wordt in rekening gebracht bij eigenaren van woningen die niet in Oirschot wonen maar daar wel voor zichzelf (en hun gezin) minimaal 90 dagen per jaar een woning ter beschikking hebben. Vrij vertaald: betreft tweede woningen die niet (bijna) permanent verhuurd zijn.
Het tarief wordt – evenals bij de OZB – uitgedrukt in een percentage. De aanslag komt tot stand door vermenigvuldiging van dat percentage met de WOZ-waarde. Het tarief voor 2025 is 0,2972% (vorig jaar 0,2804%). Voor woningen verwachten we een gemiddelde waardedaling van 0,5%. Evenals bij de OZB is ons streven om – behoudens de trendmatige verhoging met 5,5% - geen extra opbrengst te genereren. Per saldo gaat het tarief voor deze belasting met 6% omhoog.
Toeristenbelasting
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - ToeristenbelastingDe toeristenbelasting wordt geheven van personen, organisaties of bedrijven die aan natuurlijke personen die niet woonachtig zijn in de gemeente Oirschot de mogelijkheid bieden voor overnachting. Deze hebben wettelijk de mogelijkheid om die belasting door te berekenen aan hun huurders. Oirschot kent geen toeristenbelasting voor dagtoerisme (zoals de Efteling).
Het tarief is een vast bedrag per persoon per overnachting. Vanaf 2021 kennen we in Oirschot drie tarieven, afhankelijk van het type locatie waar overnacht wordt. Op verzoek van de ondernemers in de recreatieve sector ronden we de tarieven vanaf 2024 af op € 0,10. Zie onderstaande tabel 7.
In 2024 zijn alle tarieven ten opzichte van het jaar daarvoor – als gevolg van het naar boven afronden op € 0,10 – meer gestegen dan de destijds geldende 6%. Vanwege deze afronding stellen wij
voor om de tarieven voor 2025 niet te verhogen. Over twee jaar gerekend is dan sprake van een verhoging die meer in lijn is met onze uitgangspunten.
Tabel 7. tarieven toeristenbelasting 2024 en 2025 |
|||
|---|---|---|---|
Overnachting |
Tarief 2024 |
Niet afgerond tarief 2025 |
Tarief 2025 |
Groepsaccommodatie |
€ 1,80 |
€ 1,84 |
€ 1,80 |
Camping / camperplaats |
€ 1,90 |
€ 1,94 |
€ 1,90 |
Overige accommodaties |
€ 2,20 |
€ 2,25 |
€ 2,20 |
Reclamebelasting
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - ReclamebelastingDeze belasting kennen we sinds 2013 en voert de gemeente uit ten behoeve van de gezamenlijke ondernemers. Belastingplichtig zijn de gebruikers van panden in het centrum van Oirschot de een zichtbare reclame-uiting hebben. Het gebied is afgebakend op een kaart die onderdeel is van de vastgestelde belastingverordening.
Het tarief is een percentage van de WOZ-waarde met een minimum en een maximum bedrag van de aanslag. Voor 2024 gelden dezelfde tarieven als voorgaande jaren: 1,45% van de WOZ-waarde, met een minimum bedrag van € 375,- en een maximum bedrag van € 775.
Lokale lastendruk
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - Lokale lastendrukBij het berekenen van de lastendruk wordt uitgegaan van de drie belastingen die (nagenoeg) iedere burger betaalt. Dat zijn de OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Daarnaast wordt een onderscheid gemaakt tussen eenpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishoudens. Tot slot maken we nog een verdeling tussen eigenaren en gebruikers. Dit alles leidt tot vier categorieën waarvoor de lasten- druk is berekend. Onderstaande tabellen bevat de resultaten van de verschillende berekeningen.
Uitgangspunten:
- OZB: waarde woning 2025 € 498.232; 2024 € 500.736.
- Afvalstoffenheffing:
Vast recht op jaarbasis 2025 € 131,00 en 2024 € 118,20, geldt voor alle types huishouden Variabele tarieven, gelden voor alle huishoudens:
6 ledigingen GFT 140 liter container, tarief per lediging 2025 € 2,35 en 2024 € 1,58
5 ledigingen restafval 140 liter container, tarief per lediging 2025 € 17,00; 2024 € 15,50
- Rioolheffing
Alle soorten huishouden (waterverbruik beneden 101 m3 , tarief op jaarbasis) voor het jaar 2025 € 168,96 en voor 2024 € 162,84.
Tabel 8. Gemiddelde lastendruk 2025 en vergelijking met 2024 |
||||
|---|---|---|---|---|
Eigenaar Eenpersoon |
Eigenaar Huurder Meerpersoons Eenpersoon |
Huurder Meerpersoons |
||
Belasting 2025 |
||||
OZB |
€ 541,08 |
€ 541,08 |
€ - |
€ - |
Afvalstoffenheffing |
€ 230,10 |
€ 230,10 |
€ 230,10 |
€ 230,10 |
Rioolheffing |
€ 168,96 |
€ 168,96 |
€ 168,96 |
€ 168,96 |
Totaal |
€ 940,14 |
€ 940,14 |
€ 399,06 |
€ 399,06 |
Eigenaar Eenpersoon |
Eigenaar Huurder Meerpersoons Eenpersoon |
Huurder Meerpersoons |
||
Belasting 2024 |
||||
OZB |
€ 509,75 |
€ 509,75 |
€ - |
€ - |
Afvalstoffenheffing |
€ 187,18 |
€ 187,18 |
€ 187,18 |
€ 187,18 |
Rioolheffing |
€ 162,84 |
€ 162,84 |
€ 162,84 |
€ 162,84 |
Totaal |
€ 859,77 |
€ 859,77 |
€ 350,02 |
€ 350,02 |
Tabel 9. Verschillen in euro’s en percentage gemiddelde lastendruk 2025 en vergelijking met 2024 |
||||
Eigenaar Eenpersoon |
Eigenaar Huurder Meerpersoons Eenpersoon |
Huurder Meerpersoons |
||
Verschillen |
||||
Verschil in euro’s |
||||
OZB |
€ 31,33 |
€ 31,33 |
€ - |
€ - |
Afvalstoffenheffing |
€ 42,92 |
€ 42,92 |
€ 42,92 |
€ 42,92 |
Rioolheffing |
€ 6,12 |
€ 6,12 |
€ 6,12 |
€ 6,12 |
Totaal |
€ 80,37 |
€ 80,37 |
€ 49,04 |
€ 49,04 |
Verschil in euro’s |
||||
OZB |
6,14% |
6,14% |
||
Afvalstoffenheffing |
22,93% |
22,93% |
22,93% |
22,93% |
Rioolheffing |
3,75% |
3,75% |
3,75% |
3,75% |
Totaal |
9,35% |
9,35% |
14,01% |
14,01% |
Kwijtscheldingsbeleid
Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale Heffingen - KwijtscheldingsbeleidDe gemeente Oirschot kent de mogelijkheid om kwijtschelding aan te vragen voor de afvalstoffenheffing (uitsluitend het vast recht), de rioolheffing en de onroerende-zaakbelastingen. Voor het beoordelen van verzoeken volgen wij de rijksregeling. De procedure kent zowel een inkomenstoets als een vermo-genstoets. Kwijtschelding is bedoeld voor natuurlijke personen.
Bij dit onderdeel van onze lokale belastingen zien wij de gevolgen van de huidige financiële situatie van veel inwoners: zowel het aantal toegekende aanvragen als de bedragen nemen toe.
De kosten voor kwijtschelding maken deel uit van de totale kosten van de betreffende heffing
Tabel 10. Uitgaven kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2021 t/m 2028 |
||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Jaar |
Rekening |
Rekening |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
Begroting |
2021 |
2022 |
2023 |
2024 |
2025 |
2026 |
2027 |
2028 |
|
Aantal toekenningen |
40 |
40 |
40 |
42 |
44 |
47 |
52 |
58 |
Bedrag afvalstoffenheffing |
€ 3.000 |
€ 4.763 |
€ 4.694 |
€ 5.000 |
€ 5.300 |
€ 5.700 |
€ 6.200 |
€ 6.800 |
Bedrag rioolheffing |
€ 4.800 |
€ 9.492 |
€ 8.477 |
€ 9.600 |
€ 9.900 |
€ 10.100 |
€ 10.400 |
€ 10.800 |
Totaal bedrag |
€ 7.800 |
€ 14.255 |
€ 13.171 |
€ 14.600 |
€ 15.200 |
€ 15.800 |
€ 16.600 |
€ 17.600 |